Achter de schermen

26-11-2014 / Het Parool / We schreeuwen moord en brand over de invloed van media op de jeugd. Hoogleraar media, jeugd en samenleving Patti Valkenburg (56) relativeert dat enigszins. Vijf bevindingen uit haar boek De schermgaande jeugd, inclusief tips voor ouders. / Lees het hier

Zes uur schermtijd

Het Parool - 26-11-2014

Het Parool – 26-11-2014

Patti Valkenburg, hoogleraar media, jeugd en samenleving aan de Universiteit van Amsterdam: “Kinderen zitten ongeveer zes uur per dag achter een scherm, dat is soms meer tijd dan ze op school zitten. Het is niet zozeer de vraag of dat erg is, maar eerder welk effect dat heeft. Reclamemakers zijn bijvoorbeeld al blij als vijf procent van het publiek reageert op een reclamespotje, dus die invloed is niet altijd even groot. We kunnen media niet zien als een injectienaald die iedereen op dezelfde manier beïnvloedt. Er is veel onderzoek dat zegt dat er negatieve effecten van media zijn op jongeren, maar als we kijken naar educatieve media, zijn er ook veel studies die positief resultaten vinden.”

TIP

“Het uiteindelijke resultaat kunnen ouders zelf beïnvloeden. Bijvoorbeeld als je televisie kijkt met je kind, kun je uitleggen dat geweld geen oplossing is. Of als er iets leerzaams te zien is, extra uitleg geven of vertellen wat er goed aan is. Die tekst en uitleg hebben kinderen nodig om te kunnen plaatsen wat ze zien.”

Seks en geweld

Uit ons onderzoek blijkt dat de meerderheid van kinderen en jongeren weinig wordt beïnvloed door seks en geweld in bijvoorbeeld films en games. Vijf procent is er wel gevoelig voor. Die kinderen hebben daar in hun dagelijks leven al een voedingsbodem voor, bijvoorbeeld door veel geweld in hun omgeving, een agressieve persoonlijkheid of een vroege puberteit. In die gevallen heeft het wel invloed, maar altijd in wisselwerking met andere factoren.”

TIP

“Als ouder kun je een kind of tiener daarin bijstaan door grenzen te stellen. Een kind van negen heeft zijn of haar impulsen net aardig onder controle, maar als de puberteit komt, zijn er nieuwe elementen: seks en agressie. Dat is een hele opdracht om die in balans te houden en media kunnen daarbij als een grote zak chips worden gezien: als er geen rem is, gaat die helemaal leeg.”

Sociale media

“Kinderen zijn ontzettend veel bezig met sociale media, via Facebook of Whatsapp. Mensen zijn snel geneigd daar negatief over te doen, maar dat gebeurt nu eenmaal met alle nieuwe dingen. Zelfs Socrates dacht destijds dat het geschreven woord de geest zou doden. Toen de mobiele telefoon zijn intrede deed, dachten velen dat de offlinecontacten daaronder zouden lijden. Het komt erop neer dat we ons bij alles zorgen maken, maar sociale media blijken toch vooral heel sociaal te zijn: we onderhouden contacten met mensen die we misschien niet dagelijks zienen spreken ze op momenten dat we dat anders niet zouden kunnen. “

Tip

“Bij media is heT belangrIjkste om in gedachten te houden: kinderen doen wat wij doen. Wij zitten ook de godganse dag te aPpen en te twitteren. Dat constante bezig zijn is helemaal niet zo goed voor ons. We weten allemaal dat we nachtrust nodig hebben, maar nu blijkt dat ‘dagrust’ ook essentieel is. Het altijd maar bereikbaar moeten zijn nadert langzaam een grens; sommige instanties geven hun werknemers al het recht onbereikbaar te zijn. Je hoofd heeft tijd nodig dingen te verwerken en te mijmeren. Dat geldt voor volwassenen en kinderen.”

Het nieuwe televisiekijken

schermgaande jeugd“Bij het televisiekijken hebben we een nieuw patroon: er is vaak een tweede scherm van iPad of een smartphone. Daarmee delen jongeren commentaar op Whatsapp, doen even iets anders tijdens de reclame of zoeken informatie op over het programma waar ze naar kijken. Daarbij komt dat je vroeger één keer per week naar een serie keek en nu op elk moment dat het je uitkomt. Sommige mensen kijken achter elkaar door: binge-viewing. In vergelijking met de jaren negentig gebruiken jongeren de media nu drie keer zoveel.”

TIP

“Al die nieuwe technologieën die het gemakkelijker maken media te gebruiken, zorgen ervoor dat het moeilijker is voor ouders om dat te reguleren. Vooral bij pubers is dat ingewikkeld; die beschouwen media als een onderwerp dat binnen hun persoonlijke domein valt, net zoals de keuzes van kleding en vrienden. Daarom is het handig om vooraf al afspraken daarover te maken: voordat de smartphone het huis in komt en voordat er een abonnement op Netflix is. Bijvoorbeeld: geen televisie meer na een bepaald tijdstip. De belangrijkste voorspeller van succes is daarbij consistentie.”

Games

“Games zijn de laatste jaren het domein van iedereen geworden en hebben een veel socialere component dan vroeger. Spelen is goed voor de ontwikkeling, maar geldt dat ook voor digitale spellen? Gamen blijkt veel positieve effecten te hebben op creativiteit, doorzettingsvermogen, geduld, patroonherkenning, het doorzien van problemen en het vinden van oplossingen. Dat zijn managementkwaliteiten voor later. Geweld in games zorgt echter voor meer agressie en opgefokt gedrag dan bijvoorbeeld in films. Het echte probleem ontstaat pas als sprake is van pathologisch gamen. Daaruit kunnen conflicten en problemen ontstaan en ook fysieke gevolgen, zoals rugklachten.”

TIP

“Voor kinderen is het belangrijk dat als ze een game spelen, het aansluit bij hun ontwikkelingsniveau. Dat geldt net zo goed voor andere media. Een kind daarbij begeleiden werkt het beste door zijn perspectief serieus te nemen en beslissingen uit te leggen. Als je je kind van twaalf verbiedt om Grand Theft Auto (GTA) 5 te spelen terwijl klasgenoten dat wel mogen, draag dan alternatieve games aan en zeg waarom u dat doet. Zogeheten pegi-classificaties kunnen daarbij helpen: GTA5 is geschikt voor mensen vanaf achttien jaar, vanwege onder meer grof taalgebruik en zinloos geweld.”

VIERKANTE OGEN

Valkenburg doet al vijfentwintig jaar onderzoek naar het gebruik en de effecten van media op de jeugd. Ze studeerde pedagogiek in Leiden en is hoogleraar media, jeugd en samenleving aan de Universiteit van Amsterdam. Ze richtte in 2003 Het Onderzoeks-centrum Jeugd en Media op en ontving in 2011 de NWO-Spinozapremie. Haar bekendste Nederlandse publicaties zijn Vierkante ogen en Beeldschermkinderen.

Plaatsing met toestemming van Het Parool

Tevens verschenen in het AD – 2 december 2014 / Lees het op Blendle