Waarom HSP geen stoornis is – Deel 3: Waarom is HSP geen stoornis?

Onder hoogsensitieve mensen hoor je soms: ‘ik heb de diagnose gehad’ of ‘HSP is een aandoening’. Daarom is het hoog tijd om aan de hand van een aantal vragen te bekijken waarom hoogsensitiviteit geen stoornis is en waarom je het beter niet zo kan noemen. In deel 3: Waarom is HSP geen stoornis?

HSP als factor

Een persoonlijkheidskenmerk is op zichzelf geen stoornis, maar het kan wel een factor zijn die meespeelt in het wel of niet ontwikkelen van een stoornis. Zo zijn er bijvoorbeeld relatief veel hoogsensitieve mensen die last hebben van een angststoornis of stress-gerelateerde aandoening. Dat betekent niet dat HSP een angststoornis veroorzaakt, maar dat HSP’ers er gevoeliger voor kunnen zijn. Het kan bijvoorbeeld zo zijn dat een HSP bang wordt voor supermarkten vanwege overprikkeling. Gaat diegene supermarkten koste wat kost vermijden en verstoort dit het dagelijks leven doordat er bijvoorbeeld geen boodschappen meer gedaan kunnen worden – dan kan dat richting een angststoornis gaan (let op: dit is geen diagnose, daarvoor moet je altijd een arts raadplegen).

Omgang met uitdagingen als factor

Of het zich daadwerkelijk ontwikkelt tot een angststoornis is afhankelijk van een veelheid aan factoren, waar HSP mogelijk een van die factoren kan zijn. Volgens Elke van Hoof, onderzoeker aan de Universiteit van Brussel speelt hier ook mee hoe je omgaat met uitdagingen in het leven. “Je kunt hoogsensitief zijn, maar de mate waarin dat een probleem zou kunnen zijn, wordt beïnvloed door andere persoonlijkheidskenmerken,” vertelt ze in een interview met journaliste Catherine Ongenae.

Andersom kan het namelijk ook zijn, dat iemand die angstig wordt voor overprikkeling vanwege HSP probeert er anders mee om te gaan. Bijvoorbeeld door tijdig rust te zoeken, in overweldigende situaties bepaalde prikkels buiten te sluiten door bijvoorbeeld een koptelefoon op te doen, pauzes in te lassen, de aandacht te focussen op iets specifieks, te mediteren enzovoorts. Dit betekent niet dat de persoon minder HSP is, maar dat deze actief probeert om te gaan met de veelheid prikkels die binnen komen, in plaats van deze zodanig te vermijden dat het problematisch wordt.

Daarbij kan het niet-omgaan met- of het vermijden van hsp-gerelateerde uitdagingen, dus juist een groter probleem veroorzaken. Hoe je omgaat met een persoonlijkheidskenmerk kan helpen de gevoeligheid voor een stoornis te verminderen. Bijvoorbeeld op het werk: HSP staan er om bekend zichzelf vaak weg te cijferen en geven daardoor vaak teveel, waarbij het risico op bijvoorbeeld een burn-out toeneemt. Dat risico neemt weer af, als je actief leert omgaan met het persoonlijkheidskenmerk HSP, door in een dergelijke situatie bijvoorbeeld sneller grenzen te stellen.

Dezelfde relatie tussen persoonlijkheidskenmerken en stoornissen, is niet beperkt tot HSP, maar valt ook te observeren bij heel andere kenmerken. Zo blijkt bijvoorbeeld dat neuroticisme (emotionele stabiliteit) een relatie heeft met depressie. Het veroorzaakt op zichzelf geen depressie, zoals HSP op zichzelf ook geen angststoornis veroorzaakt. Maar het kan er wel aan bijdragen als factor – mensen die neurotischer zijn, hebben een grotere kans op depressie.

De omgeving als factor

Volgens Van Hoof speelt ook de omgeving een doorslaggevende rol bij HSP’ers, doordat ze meer ontvankelijk zijn voor wat zij ‘differentiële susceptibiliteit’ noemt. “Wie ondersteunende ouders heeft, staat later heel sterk in het leven. De anderen maken meer kans op depressie en andere mentale problemen. In mijn praktijk merk ik ook dat HSP’ers sneller evolueren als ik ze positief benader. Het goede nieuws is dat HSP’ers die zich bewust zijn van hun persoonlijkheidskenmerk, en er goed mee omgaan, de eigenschap in hun voordeel kunnen gebruiken.”

HSP is eigenlijk niet bijzonder afwijkend

Daarnaast wordt iets in de psychiatrie pas als een stoornis gezien als het afwijkend en uitzonderlijk is – en een zware last is. Er is maar een heel klein percentage van de bevolking die bijvoorbeeld borderline persoonlijkheidsstoornis heeft. 15-20% van de bevolking is HSP, het komt daarom te vaak voor om het als stoornis te zien en is dus eigenlijk vrij ‘normaal’. HSP komt dan ook niet voor in de DSM – de handleiding voor stoornissen die in de psychiatrie gebruikt wordt. Ook omdat niet iedereen per definitie last ondervindt van HSP. Het valt te vergelijken met het persoonlijkheidskenmerk introversie, ongeveer een derde van de bevolking is introvert – dit is een minderheid net als hsp – maar maakt het nog niet zodanig afwijkend, uitzonderlijk en lastig dat het als een stoornis gezien kan worden.

Lees meer:

Deel 1: Wat is een stoornis?

Deel 2: Wat is HSP?

Deel 4: Waarom ervaren sommige mensen HSP als stoornis?

Deel 5: Waarom kan je HSP beter geen stoornis noemen?